Evaluatie wettelijke verplichting energie-audit voor grote bedrijven

In 2012 is de Europese Energie-Efficiency Richtlijn (EED) vastgesteld. Op basis van deze richtlijn moeten EU-lidstaten grote ondernemingen verplichten elke vier jaar een energie-audit uit te voeren. Nederland heeft deze verplichting geïmplementeerd met de ‘Tijdelijke regeling implementatie artikelen 8 en 14 Richtlijn energie-efficiëntie’. Deze is in 2015 in werking getreden.

Evaluatie wettelijke verplichting energie-audit

Het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) heeft Sira Consulting de uitvoeringspraktijk van de verplichte energie-audit voor grote ondernemingen laten evalueren. Hiervoor is een enquête uitgezet bij alle bevoegd gezagen en een representatieve steekproef van grote ondernemingen. Na analyse zijn de enquêteresultaten met diverse stakeholders verdiept en verklaard in interviews en rondetafelgesprekken.

Onderzoeksresultaten

Uit de evaluatie blijkt dat de wettelijk verplichte energie-auditplicht in de huidige vorm beperkt bijdraagt aan het energiebewustzijn van grote ondernemingen. Dit komt doordat er in Nederland voor grote bedrijven al een uitgebreid palet aan regelgeving en overheidsinitiatieven bestaat om energie te besparen. Daarnaast blijkt dat bevoegd gezagen en ondernemingen vaak hoge kosten maken omdat bevoegd gezagen in de praktijk soms hogere of aanvullende eisen stellen aan de auditverslagen dan de Tijdelijke regeling en de door de RVO.nl ontwikkelde checklist voorschrijven.

Rapportage

EZK heeft het onderzoeksrapport is in december 2018 aangeboden aan te Tweede Kamer, als bijlage bij de Kamerbrief evaluatie energie-audits en inbreukprocedure EU-richtlijn energie-efficiëntie. De kamerbrief en het onderzoeksrapport kunt u vinden via de onderstaande link:

https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2018/12/20/kamerbrief-evaluatie-energie-audits-en-inbreukprocedure-eu-richtlijn-energie-efficientie

DHI-regeling, wat is nieuw en welke module past u?

Met de DHI-regeling wil het ministerie van Buitenlandse Zaken het aantal Nederlandse ondernemingen dat succesvol internationaliseert in ontwikkelde landen, opkomende markten en ontwikkelingslanden verhogen en versterken. In ontwikkelingslanden levert het ministerie hiermee een positieve bijdrage aan duurzame lokale ontwikkeling. De DHI-regeling bestaat uit drie modules. U kunt één aanvraag indienen voor één van deze modules: Demonstratieprojecten, haalbaarheidsstudies, investeringsvoorbereidingsstudies.

Demonstratieprojecten

Demonstratie van uw technologie, kapitaalgoed of dienst in één van de DHI-landen. Hiervoor bestaat de vereiste dat uw technologie of dienst nieuw moet zijn op de doelmarkt. Om in aanmerking te komen moet de demonstratie op kleine schaal in een reële situatie plaatsvinden. Tijdens het demonstratieproject mag u geen diensten of producten leveren. U moet deze na afloop terugnemen naar Nederland, gratis overdragen of vernietigen. De levering mag dan ook pas na afloop van het demonstratieproject plaatsvinden.

Haalbaarheidsstudies

Onderzoek naar de haalbaarheid van een buitenlandse investering in uw product. Met een haalbaarheidsstudie vergroot u de kans dat uw potentiële klant uit een van de DHI-landen wilt investeren in uw technologie, kapitaalgoed of dienst. Op basis van de haalbaarheidsstudie kunt u aantonen dat uw product of dienst binnen de gewenste termijn kan worden terugverdiend en of het project financierbaar is. U kunt ook een technische haalbaarheidsstudie verrichten. Hierin kan worden aangetoond dat het project aan de technische vereisten voldoet en dus aansluit bij de wensen van de afnemer.

Investeringsvoorbereidingsstudies

Onderzoek naar de technische en commerciële haalbaarheid van uw investering in een onderneming in één van de DHI-landen. Het verschil met haalbaarheidsstudies is dat u het investeringsbesluit neemt. Hiermee kan de economische positie van het Nederlandse moederbedrijf worden versterkt. Daarnaast ontstaat er vaak duurzame werkgelegenheid en kennisoverdracht. De uiteindelijke studie levert een businessplan op.

Belangrijk in 2019

Er is een budget van € 9M. Nieuw in 2019 is dat het geen tenderregeling meer is, maar first come first serve. De regeling opent op 15 januari 2019. Een QuickScan is verplicht, deze geeft aan of uw project aanspraak kan maken op de regeling. De reden hiervoor is aan te kunnen tonen dat er daadwerkelijk de noodzaak bestaat om overheidssteun te verlenen aan ontwikkelde landen en markten. Een belangrijke eis is dat de verwachte export minimaal 10 maal het verleende subsidiebedrag moet bedragen.

Demonstratieproject: Subsidieplafond max. € 200.000, 50% van de demonstratiekosten of 60% bij fragiele staten en focuslanden.
Haalbaarheidsstudie:  Subsidieplafond max. € 100.000, 50% van de kosten van de haalbaarheidsstudie of 60% bij fragiele staten en focuslanden.
Investeringsvoorbereidingsstudie: Subsidieplafond max. € 100.000, 50% van de kosten van de investeringsvoorbereidingsstudie of 60% bij fragiele staten en focuslanden.

Download hier de flyer.

Bereken zelf eenvoudig het voordeel dat met WBSO te behalen is

Om eenvoudig het voordeel te berekenen dat te behalen is met een WBSO heeft Sira Incentives een tooltje gemaakt.

U kunt dit in het Nederlands en in het Engels downloaden via onderstaande links.

Rekenhulp WBSO 2019

Calculation tool WBSO 2019

Nieuwe collega: Jennifer Drenth

Graag stellen wij onze collega Jennifer Drenth aan u voor. Zij is begin september begonnen bij Sira Consulting als consultant.

Jennifer komt oorspronkelijk uit Groningen, woont sinds kort in Den Haag en heeft, na een bachelor mondzorgkunde, haar master in Health Economics gehaald aan de Vrije Universiteit in Amsterdam.

Jennifer heeft in haar eerste maanden bij Sira Consulting onder andere gewerkt aan een bedrijfseffectentoets over het nieuwe milieuhygiënisch toetsingskader voor diepe plassen (MHT). Jennifer heeft voor dit onderzoek veel betrokken partijen gesproken en brengt op basis hiervan de bedrijfseffecten van het MHT in kaart. Daarnaast onderzoekt Jennifer de gevolgen van enkele wijzigingen in het Bouwbesluit 2012. Het gaat onder meer om ‘bijna energieneutrale gebouwen’ (BENG) en bouwveiligheid.

Jennifer is een echte watersportliefhebber. Ze zeilt al van jongs af aan en heeft afgelopen zomer gezeild rondom Engeland. Wanneer de weersomstandigheden het toelaten, surft ze ook graag in Scheveningen.

Wij heten Jennifer van harte welkom in ons team!

Enquête ervaren regeldruk van de Tweede Kamer

De Tweede Kamercommissie voor Economische Zaken en Klimaat (EZK) wil weten hoe ondernemers regeldruk ervaren, en vooral wat er beter kan. De commissie vraagt ondernemers daarom hun ervaringen te delen via een enquête. De resultaten gebruikt de commissie om op donderdag 1 november 2018 te vergaderen met staatssecretaris Mona Keijzer van Economische Zaken over de regeldruk voor ondernemers.

Positief signaal toch?

Zeker. Het afgelopen jaar is er in de media veel aandacht geweest voor de hoge ervaren regeldruk. Bij de acties in de zorg, het onderwijs en door de politie is vermindering van regeldruk steeds een belangrijk speerpunt. Wij zien in onze projecten ook dat mkb’ers en zzp’ers de regeldruk nog altijd als hoog ervaren en niet kunnen of durven te investeren door het woud van regels.

Het is dus positief dat de Tweede Kamer zich openstelt voor deze signalen en zich wil inzetten om Nederland ondernemervriendelijk te maken.

Waarom is dit dan toch een opvallende stap?

Branche- en ondernemersorganisaties dringen al jaren bij het kabinet aan op verlaging van de regeldruk. De kabinetten Balkenende en Rutte hebben hieraan invulling gegeven door de ministeries concrete doelstellingen mee te geven om de regeldruk te verminderen. Het ministerie van EZK heeft de taak om de voortgang bij het terugdringen van regeldruk te monitoren en informeert de Tweede Kamer periodiek hierover.

Ook werden er diverse programma’s gestart om knelpunten bij de ministeries aan te kaarten. Denk hierbij aan de mogelijkheid om signalen af te geven bij het Adviescollege toetsing regeldruk (ATR), het programma Ruimte in Regels voor groene groei en de maatwerkaanpak regeldruk bedrijven. Ook over de resultaten van deze initiatieven wordt periodiek gerapporteerd.

De Tweede Kamer zou na meer dan een decennium intensieve aandacht voor vermindering van regeldruk en alle initiatieven gericht hierop, een goed beeld moeten hebben van de stand van zaken. De noodzaak om een enquête te houden, suggereert echter het tegengestelde: de Tweede Kamer voelt zich niet goed geïnformeerd. En dat is opmerkelijk.

Gaat deze enquête dan iets opleveren?

Nee… en ja! ‘Nee’ omdat regeldruk een complex begrip is dat door individuele ondernemers, door u, wellicht lastig kan worden ingevuld. En ‘ja!’ omdat het probleem weldegelijk actueel is en zeker niet in belang afneemt.

Drie facetten verklaren waarom regels als vervelend worden ervaren: het is lastig om eraan te voldoen (werkbaarheid), de meerwaarde is niet duidelijk (ervaren nut) en/of het is duur om eraan te voldoen (kosten). Er is echter een vierde facet dat vaak over het hoofd wordt gezien: stapeling.

Het samenspel van de regels zorgt ervoor dat ondernemers elke week, dag in dag uit rekening moeten houden met regels en verplichtingen. Dit zorgt voor ergernis, moedeloosheid en hoge kosten. Niet omdat die ene regel nou zo lastig is, maar door de stapeling van alle regels. Een ondernemer kan daarom vaak niet goed aangeven welke regel hem of haar precies dwars zit, het gaat om het keurslijf dat de regels gezamenlijk vormen.

De resultaten van de enquête geven de Tweede Kamer mogelijk niet het gewenste inzicht in de problemen die ondernemers graag opgelost willen zien. Maar met de enquête kunnen ondernemers wel een belangrijk signaal afgeven.

Dus ik moet de enquête invullen?

Jazeker! Ook als u niet precies uw vinger kunt leggen op de reden waarom u af en toe moedeloos wordt van de regels. Met de enquête kunt u rechtstreeks aan de Kamer duidelijk maken dat er iets moet gebeuren aan belemmerende regelgeving.

Kortom: bent u ondernemer uit het midden- en kleinbedrijf, een zzp’er of bezig met het starten van een bedrijf? Deel uw ervaringen met de Tweede Kamerleden. Dat kan door uiterlijk maandag 15 oktober 2018 de enquête in te vullen.

https://www.tweedekamer.nl/commissies/ezk/deel-nu-uw-ervaringen-over-regeldruk

Regeldruktoets wijziging WGBO

Voor het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) heeft Sira Consulting de regeldrukeffecten van de wijziging van de Wet op de geneeskundige behandelovereenkomst (WGBO) getoetst. De WGBO heeft betrekking op de relatie tussen patiënt en hulpverlener en omschrijft hun rechten en plichten. De WGBO wijzigt op drie onderdelen.

Beter overleg tussen hulpverlener en patiënt

De eerste wijziging van de WGBO betreft de relatie tussen hulpverlener en patiënt. De huidige regels lijken te impliceren dat de hulpverlener de patiënt alleen hoeft te informeren over het voorgenomen onderzoek, de behandeling en de gezondheidstoestand van de patiënt. De wijziging verduidelijkt dat de hulpverlener de patiënt niet alleen moet informeren, maar dat zij met elkaar in gesprek moeten. Zo kunnen zij samen een goede afweging maken van de mogelijkheden en alternatieven.

Langere bewaartermijn van het medisch dossier

De tweede wijziging van de WGBO gaat over het de bewaartermijn van het medisch dossier van overleden patiënten. Deze wordt verlengd van 15 naar 20 jaar. Ook wijzigt het aanvangsmoment van de bewaartermijn.

Inzagerecht voor nabestaanden in het medisch dossier

De derde wijziging van de WGBO maakt het inzagerecht voor nabestaanden en voormalig vertegenwoordigers in het medisch dossier van overleden patiënten eenvoudiger en overzichtelijker. In de huidige situatie kan een hulpverlener op basis van beroepsgeheim meestal geen inzage geven in het medisch dossier van een overleden patiënt. Met de voorgenomen wetswijziging kan inzagerecht worden verkregen als:

  • De overleden patiënt bij leven schriftelijk of elektronisch toestemming heeft gegeven voor inzage na overlijden .
  • De nabestaande op grond van de Wkkgz een mededeling van een zorgaanbieder heeft ontvangen dat een incident heeft plaatsgevonden.
  • De nabestaande een zwaarwegend belang heeft bij inzage en aannemelijk kan maken dat dit belang wordt geschaad.

Het rapport met de resultaten van de regeldruktoets is te raadplegen via de onderstaande link:

Nieuwe en gewijzigde wetten en regels per 1 juli 2018

Per 1 juli 2018 treden enkele nieuwe en gewijzigde wetten en regels in werking. Hieronder lichten we een beknopte selectie nader toe. Op SC online is een totaaloverzicht beschikbaar met alle veranderingen per 1 juli 2018.

Terugvorderen staatssteun

Met de nieuwe Wet terugvordering staatssteun krijgen overheden de mogelijkheid om onrechtmatige staatssteun terug te vorderen. Overheden mogen van de Europese Commissie (EC) in principe geen staatssteun verlenen, tenzij de steun voldoet aan de voorwaarden uit de staatssteunregels.

Er is sprake van staatssteun als een overheid een onderneming met staatsmiddelen een niet-marktconform voordeel geeft ten opzichte van andere ondernemingen. Het gaat niet alleen om subsidies, maar ook om de verkoop van grond onder de marktwaarde, het kwijtschelden van schulden of het verstrekken van een lening tegen een niet-marktconforme rente.
Als de EC, het Europees Hof van Justitie of de nationale rechter constateert dat een overheid ten onrechte staatssteun heeft verleend, dan moet de overheid de verleende steun terugvorderen.

Tot voor kort bleek de Nederlandse regelgeving niet toereikend om aan deze eis te voldoen. De nieuwe wet biedt de benodigde grondslagen en geeft overheden de mogelijkheid in alle gevallen onterecht verleende staatssteun terug te vorderen.

Gasaansluitplicht voor nieuwbouw geschrapt

Huizen die worden gebouwd na 1 juli 2018, hoeven niet automatisch meer te worden aangesloten op het gasnetwerk. De Tweede Kamer heeft via een amendement op de Wet voortgang energietransitie de gasaansluitplicht voor kleingebruikers bij nieuwbouw geschrapt. Omdat netbeheerders enkel wettelijke taken mogen uitvoeren, functioneert deze wetswijziging als een verbod op aardgas bij nieuwbouw.

Gemeenten mogen enkel nog besluiten om vanwege zwaarwegende redenen van algemeen belang nieuwe woningen aan te sluiten op gas.

Overig

Daarnaast zijn per 1 juli nog veel andere (kleine) wijzigingen doorgevoerd. Zo mogen politieagenten eerder fouilleren, zijn niet alle VOG’s meer geldig voor de inschrijving in het Personenregister kinderopvang en worden overheidswebsites toegankelijker voor personen met een beperking.

Regeldruk erkenningsregeling installateurs in kaart

De Onderzoeksraad voor Veiligheid (OvV) heeft in 2015 het rapport ‘Ongevallen met koolmonoxide’ gepubliceerd. Hierin concludeert de OvV dat het gros van de ongevallen als gevolg van koolmonoxidevergiftiging wordt veroorzaakt door handelen of het nalaten van handelen door installateurs van verbrandingstoestellen. De OvV stelt in het rapport dat ingrijpen door de Rijksoverheid gewenst is.

Erkenningsregeling installateurs

Naar aanleiding van dit rapport overweegt het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) een wettelijk verplichte procescertificering voor installatiebedrijven en installateurs in te voeren. In de voorgenomen situatie mogen werkzaamheden aan gasverbrandingstoestellen en bijbehorende luchttoevoer en rookgasafvoer alleen nog worden uitgevoerd door bedrijven die daarvoor gecertificeerd zijn conform een erkend schema. Dit betekent bijvoorbeeld ook dat eigenaren niet meer zelf mogen sleutelen aan hun cv-ketel.

Regeldruk van de erkenningsregeling

Sira Consulting heeft in opdracht van het ministerie van BZK de regeldrukeffecten in kaart gebracht van de erkenningsregeling. Het onderzoeksrapport is te downloaden via de onderstaande link:

Handreiking verminderen regeldruk door gemeenten gepubliceerd

In samenwerking met VNG Realisatie heeft Sira Consulting de ‘Handreiking verminderen regeldruk door gemeenten’ opgesteld. Deze handreiking is bedoeld voor iedereen die op praktische wijze invulling wil geven aan het verminderen van regeldruk in de maatschappij en het aantrekkelijker maken van het woon- en leefklimaat.

Handreiking verminderen regeldruk

De steeds sneller veranderende maatschappelijke en technologische ontwikkelingen vragen om een overheid die in staat is heldere spelregels te formuleren en tegelijkertijd wendbaar en flexibel te zijn om ondernemers en inwoners ruimte te bieden om op deze kansen en ontwikkelingen in te spelen. Het betere beleid van gemeenten gaat precies om dit uitdagende spanningsveld: het ontwikkelen van regelgeving die publieke belangen borgt, zonder dat dit tot onnodige kosten en belemmeringen leidt voor ondernemerschap, innovatie en burgerinitiatieven.

De ‘Handreiking verminderen regeldruk’ helpt beleidsmakers, juristen, uitvoerders, handhavers, etc. om aan de hand van vier stappen bestaande regelgeving en uitvoeringsprocessen te evalueren en te herijken op nut, noodzaak en effectiviteit. Bijvoorbeeld door het afschaffen van bepaalde vergunningen, procedures te versimpelen en de dienstverlening te verbeteren.

Rol van Sira Consulting

Wij ondersteunen onze opdrachtgevers bij het oplossen van knellende regelgeving op allerlei gebieden zoals zorg, onderwijs, verkeersveiligheid, bouwen en wonen. Voorbeelden van door ons gehanteerde methoden zijn beleids-en subsidievaluaties, klantreizen en impactonderzoeken. Na gedegen vooronderzoek, onderzoeken we samen met opdrachtgevers en belangrijke stakeholders hoe wetten, regels en procedures geoptimaliseerd kunnen worden, zodat beoogde effecten uiteindelijk werkelijkheid worden.

DHI-regeling, voor exportvoorbereiding

Met de DHI-regeling wil het ministerie van Buitenlandse Zaken het aantal Nederlandse ondernemingen dat succesvol internationaliseert in ontwikkelde landen, opkomende markten en ontwikkelingslanden verhogen en versterken. In ontwikkelingslanden levert het ministerie hiermee een positieve bijdrage aan duurzame lokale ontwikkeling. De DHI-regeling bestaat uit drie modules. U kunt één aanvraag indienen voor een van deze modules: Demonstratieprojecten, haalbaarheidsstudies, investeringsvoorbereidingsstudies.

Demonstratieprojecten

Demonstratie van uw technologie, kapitaalgoed of dienst in één van de DHI-landen. Hiervoor bestaat de vereiste dat uw technologie of dienst nieuw moet zijn op de doelmarkt. Om in aanmerking te komen moet de demonstratie op kleine schaal in een reële situatie plaatsvinden. Tijdens het demonstratieproject mag u geen diensten of producten leveren. U moet deze na afloop terugnemen naar Nederland, gratis overdragen of vernietigen.

Haalbaarheidsstudies

Onderzoek naar de haalbaarheid van een buitenlandse investering in uw product. Met een haalbaarheidsstudie vergroot u de kans dat uw potentiële klant uit een van de DHI-landen wilt investeren in uw technologie, kapitaalgoed of dienst. Op basis van de haalbaarheidsstudie kunt u aantonen dat uw product of dienst binnen de gewenste termijn kan worden terugverdiend en of het project financierbaar is. U kunt ook een technische haalbaarheidsstudie verrichten. Hierin kan worden aangetoond dat het project aan de technische vereisten voldoet en dus aansluit bij de wensen van de afnemer.

Investeringsvoorbereidingsstudies

Onderzoek naar de technische en commerciële haalbaarheid van uw investering in een onderneming in één van de DHI-landen. Het verschil met haalbaarheidsstudies is dat u het investeringsbesluit neemt. Hiermee kan de economische positie van het Nederlandse moederbedrijf worden versterkt. De uiteindelijke studie levert een businessplan op.

Aanvragen

De tweede tender van 2018 is open van 8 augustus tot en met 19 september 2018 en hiervoor is € 4,5 miljoen beschikbaar. In deze tender wordt de DHI, naast de gebruikelijke DHI-landen eveneens opengesteld voor het Caribisch deel van het Koninkrijk. Hierdoor wordt het ook mogelijk om vanuit Bonaire, Sint Eustatius en Saba (de BES-eilanden) of Aruba, Curaçao en Sint Maarten (de ACS-eilanden) een aanvraag in te dienen. Voordat u een aanvraag indient moet er eerst een QuickScan worden gedaan.

Download hier de flyer.